Rijnstate zet AI-model in om te voorspellen hoeveel baat aneurysmapatiënten hebben bij behandeling met een stentgraft

jul 03 , 15:57 Nieuws
ziekenhuis zevenaar img 2003 scaled
Waardoor krimpt het aneurysma van de buikslagader bij de ene patiënt wel, en bij de ander niet, nadat er een stentgraft in deze verwijding is geplaatst? Met welke factoren kunnen we de kans op complicaties op langere termijn verkleinen? Een consortium van ziekenhuizen en universiteiten zet, onder leiding van Rijnstate - waartoe ook het Zevenaarse ziekenhuis behoort -, een database op om met zoveel mogelijk gegevens voorspellingen te kunnen doen, dankzij een nieuw te ontwikkelen AI-model.
Patiënten bij wie de aneurysma na het plaatsen van een stentgraft krimpt, hebben minder complicaties op de lange termijn. Ze hebben ook een betere overleving dan patiënten bij wie de verwijding stabiel blijft of groeit. Maar welke factoren zorgen daarvoor? En kunnen we die krimp beïnvloeden? Om dat te onderzoeken richtte Rijnstate in 2021 samen met het Amsterdam UMC, Medisch Spectrum Twente, Universitair Medisch Centrum Groningen, Universiteit Twente en het Karolinska Institutet (universiteit van Stockholm), het RADAR-consortium op.

5 millimeter krimp

Rianne van Rijswijk, technisch geneeskundige en promovendus in Rijnstate: “We weten dat mensen bij wie het aneurysma 1 jaar na de stentgraftplaatsing 5 millimeter of meer is gekrompen, betere uitkomsten hebben op de langere termijn. Over het algemeen ontwikkelen zij minder complicaties, ze hoeven minder her-operaties te ondergaan en ze hebben betere overlevingskansen, zelfs tot 10 jaar na de operatie.”